Man en vrouw van in de dertig kijken wat ik op mijn bord heb liggen. Ik kijk terug en de vrouw kijkt recht in m’n ogen. Ze heeft niet de mooiste ogen maar waarom ze mijn blik niet ontwijkt- zoals de meeste mensen doen- is mij een raadsel. Ik kijk terug naar m’n bord en eet verder of doe toch een poging om verder te eten maar de stilte aan de tafel naast de mijne trekt mijn aandacht. Hier zitten dus een man en vrouw – of ze een koppel zijn weet ik niet maar ik ga er vanuit – en ze hebben dus werkelijk niks tegen elkaar te vertellen. Helemaal niets. Alleen stilte. En telkens ik naar deze stilte kijk kijkt zij recht in m’n ogen alsof ze wil zeggen dat mijn aanwezigheid deze stilte veroorzaakt. Maar ik weet zeker dat ze elkaar niets te vertellen hebben omdat hun leven zo routineus verloopt dat zelfs de routine van het spreken vooraf is bepaald. Maar wat doen ze dan in dit restaurant? Was de soep thuis aangebrand? Of hebben ze iets te vieren? Misschien zijn ze als sinds hun twaalfde samen? Zouden ze ooit sex hebben? Kijk, deze nietszeggende hoofden fascineren me en dat probeerde ik vandaag ook duidelijk te maken op mijn repetitie dat de stilte die je zelf kan invullen zoveel boeiender is dan welke woorden of invulling. Het koppel naast me is zoals een levend schilderij waar je niets van weet maar wel veel verhalen oproept. Of is dit echt alleen mijn zieke geest? Waarschijnlijk.

In 2008 maakte ik voor HETPALEIS “Bolleke sneeuw” een voorstelling waar we het jaar nadien ook een Chinese versie van maakte voor het International Arts Festival in Shanghai, hieronder vind je nog enkele sfeerbeelden uit die periode. Maar nu is er “Eeuwige sneeuw” dat is een nieuwe voorstelling. Ok, twee keer sneeuw in een titel is niet zo handig maar er zitten wel twee jaar tussen. Andere sneeuw, ander verhaal

Vrijdag is een dag die ik om de veertien dagen wil wissen. Gisteren  was ik uitgenodigd om te spreken op een jobbeurs in Hoogstraten. In een oneindige zaal zaten zestig adviseurs die studenten  meer vertelden over hun job. Ik stond aangekondigd als “acteur-regisseur”. Aan mijn tafel zaten werkelijk geïnteresseerden naast studenten die echt niet weten wat ze verder gaan doen en het hen wel exotisch leek om eens met een “acteur – regisseur” te spreken. Zo was er een beugelbekkie die veel te warm en te enthousiast vertelde dat ze altijd graag voor een groep staat dit alles overgoten met een flinke kempische saus. “Maak ik dan ook kans om acteur te wurre?”. “Iedereen maakt kans.”, zei ik, “Maar dit beroep meer dan een ander moet een passie zijn.”. De ijzerwinkel lachte wat onwennig en keek naar haar schoot niet wetende wat te doen met het woord passie. Een andere wist het al; zij ging proberen om actrice te worden. Ik vertelde haar dat ze zich klaar moest maken zonder te veel te verwachten. Het zijn de verwachtingen die een mens steeds de nek omwringen. Soms zal er een teleurstelling zijn maar die moet je d’r bijnemen en verder gaan. Blijven dromen en hopen. Ik vertelde hen dat ik ook zo werk met mijn studenten, vertrekkende vanuit hun dromen dat is iets heel anders dan verwachtingen. Een jongen wist dat hij acteur wilde worden maar was nog nooit naar het theater geweest. “Da moet toch ni.”, zei hij blozend, “Mijn moeder zij dat ge dan beter naar Amerika ga, zijde gij naar Amerika geweest?”. “Nee, ik ben nog nooit in Amerika geweest. Maar ken wel mensen die daar gestudeerd hebben en heb het gevoel dat ge ook in Amerika maar ‘nen Belg’ zijt maar dan in Amerika.”. Hij keek me nog meer blozend  aan en vroeg of hij zich via mij kon inschrijven voor ne rol in het Echt Antwaarps Theater? Ook in deze spagaat moest ik hem teleurstellen en raadde hem aan om er zelf naartoe te stappen. “Da ga ik doen.”, grummelde hij verder. Tijdens een pauze kwamen de leden van de plaatselijke Rotary club rond me staan.”Politici hebben we dit jaar niet maar wél een acteur en dat is bijna hetzelfde”, riep er eentje die zijn verdienste duidelijk lagen in het zompig denken op recepties. Ik wilde van alles zeggen maar deed het niet want hoe meer ik zei hoe meer ze bekeken als een zeldzame schimmel die ze net aan de onderkant van hun tafel hadden ontdekt. Na nog vele gesprekken waar meisjes opgewonden kwamen zeggen dat ze eigenlijk niet bij me mochten gezien worden door hun ouders omdat “acteur toch een job is waar ge niks mee verdiend?!” reed ik terug naar huis. Op donderdagavond kijk ik dan lang naar mijn slapende zoon omdat ik weet dat het morgen vrijdag is en hij er dan niet meer is.

In het eerste seizoen van Witse was ik een boef. Vorig jaar stierf ik in “Witse”, na een dramatische dubbelaflevering waarvan de plot al na drie minuten duidelijk was. Ook in het laatste seizoen zal ik wederom te zien. Ik denk dan altijd, “wat nen afzuip voor die mensen die dien dvd box kopen.” Maar goed, wie koopt dan ook den dvd box van Witse en daarbij mensen zien dat niet, hé?! Want toen ik vorig jaar – de volgende dag over straat liep stonden mensen stil en riepen; “da kan ni! Gij zét dood!.”. Mensen zien niet dat het een fictieve wereld is waar je deel vanuit maakt in die televisiekast. De vrouw die bij de bakker werkt maakte zich ook zorgen,”ik dacht; allé, hij zal d’r morgenvroeg ni zèn, want ‘em is geweest.”. Daarna verontschuldigde ze zich gibberig en zei, “ja, ’t is een dunne grens, hé!”. Dan heb ik zo’n goesting om te roepen dat het helemaal geen dunne grens is dat er een fucking kast rond zit en dat het niet bij u in de living gebeurt ondanks dat ge het in uwe living kunt zien; het is televisie! Het ergst is als ik aan de zee ben, daar meent iedereen u altijd te kennen. Ik weet niet wat het is, waarschijnlijk de schijnbaar ontspannen sfeer of het “vakantiegevoel” of “het uitwaaimoment”, “ik ken u van ergens maar van waar?”, is dan de meest gehoorde vraag. Meestal antwoord ik krom en zeg hen dat ik gisteren nog in het nieuws zat omdat een bank heb overvallen. Soms vragen ze ook om nog eens “te kijken zoals fredje”. Fredje was een figuurtje dat ik speelde in een VTM reeks, “Dennis” genaamd. Dat was een populaire reeks en in die populaire reeks speelde ik de constante loser Fredje, een rol die me wel lag…. En aan zee vragen mensen dan om “het gezicht van Fredje” nog is te trekken want ook zij zien niet dat ik een acteur bent. Want voor hen is een acteur iets wat je doet na je uren in een zaal waar je ook fritten kan krijgen. Maar ook ik ben een dwaas, want dan trek ik het ietwat overdreven verwonderde gezicht van Fredje en ook ik knik minzaam als mensen roepen; “gij zét toch dood!”.Want het is waar, eigenlijk….het is ook moeilijk, hé! Goed doen alsof.

Zoals jullie weten is An mijn schoonzus. Ze is niet alleen mijn schoonzus. Ze is bovenal een vrouw met haar hart op de juiste plaats. Voorbije zomer mochten we samen met Sien en Marit  “Maria Vaart” maken bij het Gevolg, een voorstelling die volgende zomer terug komt!  Weer bewees An dat ze een fantastische actrice is en een moeder voor de hele ploeg.  En nu is er zus…een tekst van mijn broer Peter en de titel doet vermoeden dat we een fijne reflectie gaan krijgen op het familiegegeven. Ik weet zeker dat mijn schoon zus wederom stenen in de rivier zal verleggen om u een geweldige avond te bezorgen. meer info op: www.driepees.be

Vandaag kreeg ik de vraag of ik een extra schoolvoorstelling van “de leraar” wilde spelen?  Een extra schoolvoorstelling?! Een extra schoolvoorstelling!  Omdat de programmatoren zo enthousiast zijn en vinden dat alle scholen dit moeten zien. Ik ben natuurlijk gevleid dus…een extra schoolvoorstelling.Dus ja, dat wil ik. In februari en maart van volgend jaar (2011) speel ik ook nog enkele voorstellingen in Antwerpen en Gent.  Niet veel en het aantal plaatsen is beperkt dus tijdig reserveren! Meer info: www.driepees.be

Als je dit jaar – maar dan kan je dit normaal gezien nog niet lezen- naar het eerste studiejaar gaat dan kan je gratis naar Eeuwige sneeuw komen kijken in HETPALEIS in Antwerpen. Je komt er ook gratis in via de naamactie; als je SIEN heet mag je ook gratis binnen. En waarschijnlijk ook als je heel droevig kijkt naar de dames van de kassa…gratis.

“Eeuwige Sneeuw leeft in een doodnormaal gezin met geheimen. Hoe ze groot moet worden in een wereld waar haar ouders niet gelukkig zijn weet ze niet. Canigo, een eenzame oude vrouw zoekt een meisje dat haar kan verzorgen. Canigo laat Eeuwige zien hoe dromen kunnen uitkomen maar dat daar soms iets tegenover staat. In het land van Overal en Nergens maken Eeuwige Sneeuw en haar v(g-)riendje Gringo bizarre avonturen mee. Want hoe kan je ontsnappen uit dromen die nachtmerries worden? Eeuwige sneeuw speelt met de grens tussen droom en werkelijkheid. En stelt ook de vraag hoe lang een kind mag een kind mag zijn? Het is een ongewoon sprookje over ouders, liefde, geluk en vriendschap met muziek. Componist Alex Otterlei is vooral actief in de wereld van de games en zorgt voor een muzieksensatie die nog lang zal blijven nazinderen.”

Tekst en regie: Stefan Perceval

Spel: Sien Eggers, Fien Maris, Stefan Perceval, Marit Stocker, Evelien van Hamme

Muziek: Alex Otterlei

Scenografie: Jan Strobbe

Lichtontwerp: Frank Haesevoets

Dramaturgie: Hanneke Reiziger

In de Grote zaal van HETPALEIS van 17/12/10 t/m 15/1/11 meer info op www.hetpaleis.be