In de tuin van mijn buurvrouw zit een kat te kijken. Alsof ze het weet, mijn buurvrouw is overleden. Ze had al lang genoeg van dit leven. In de zomer wuifde ze als mijn zoon in de tuin aan het spelen was en zei me hoe fijn het was dat er terug leven in dit huis was. Was want het is voorbij. Deze zomer werd ze langzaam ziek, ging weg en kwam niet meer terug. Gisteren kwam ik terug en mocht het lezen, ze is er niet meer. Nu staat haar huis al een tijdje leeg en dat zal zo nog wel even blijven. En ’t is gek hoe het leven loopt. Ik had het nog met haar over het overleven in theater, haar kleinzoon is ook werkzaam in het theater en over de voorstelling die ik net heb gemaakt, HONDSTUK. Waar ze ook op de repetitievloer ter sprake kwam als we het hadden over eenzaamheid in deze wereld en hoe we elkaar gewoon elke dag voorbij lopen zonder om te kijken. De kat blijft kijken.

Ik ben op dit ogenblik aan het repeteren aan HONDSTUK. En dan vragen mensen me wel eens;  waar gaat het eigenlijk over? En dan betrap ik me dat ik vertel over vriendschap en liefde. En dan betrap ik me nog meer dat dat eigenlijk companen zijn die ik in elke voorstelling mee neem. Natuurlijk is het uitgangspunt bij elke voorstelling anders maar liefde en vriendschap zijn er altijd bij. Sien zegt me dan dat dat ook belangrijk is. Maar wat zijn echte vrienden dan? Zijn echte vrienden er altijd? En wat is echte liefde? En is liefde er altijd? En is liefde iets onvoorwaardelijk? Veel vrienden heb ik niet en in de liefde ben ik lang – misschien nog steeds- een toeschouwer geweest. Ik merk dus dat ik op veel van die vragen nogal negatief antwoord misschien omdat ik het niet begrijp of niet goed genoeg ken.  Dus het blijft een zoektocht naar wat liefde en vriendschap is?

Winter:

-toe gaat de deur

voor u voor iedereen

dus stopt u gezeur

ik ben liever alleen

Lente:

Niemand wil één

van een klompje zon

Iedereen wil twee

als het smelt in de mond

Ik bedoel….

Winter:

….Hou u smoel

ik ben veel te koel

voor een groentje als u

valt hier niks te doen

ik ben zwart als de nacht gekookte zieltje

ik  ben

winter de vernieler

de dodelijke vriezer

voor alle wanne-bietjes

met geitenwollen knietjes

ik ben veel te lauw

voor een flauw mieke

Lente:

Hoow ik ben aan

veel te aan

niemand zou mij

ooit buiten laten staan

kben te heet voor de keet

te warm voor ma-daaam

je pels smelt

alle ijs wordt modder

als ik pels spel

wordt iedereen hotter

ik ben veel te mooi

jij te mottig

Ik heb een flow

en jij stottert

jij bent de stinkvoet

in de geiten wollen sokken

Winter:

ha ha ha ha

ik lach mij kapot

gij zijt platte kaas

ik een schavot

chop chop

gelijk een sjalot

doe je m’n ogen tranen

ik lach mij rot

Lente:

En jij praat dwaas

recht uit je kakkont

ik maak waar

en jij maakt stankstront

ik heb veel vrienden

jij mag blij zijn

als er eens iemand

om de 10 jaar langskomt

Zal de sneeuw verdwenen zijn. De sneeuw in alle kleuren en ook zwart want ook zwart is een kleur. Als straks de lente daar is bloeien de bloesems en kunnen we weer smachten naar iets, iets wat de tijd vult. En jij wordt groter en sterker. Als straks de lente daar is beloof ik je dat ik nooit meer zal huilen als je weg gaat. Als straks de lente daar is houd ik mijn mond en denk aan nu. Als straks de lente daar is.

Terwijl er wederom over de hoofden van de mensen wordt gesproken en we ons troosten met de vragen van de Slimste mens ter wereld vraag ik me af wat er mis met sentiment? Want overal waar ik kom hoor ik dat ik te sentimenteel ben. Zou je niet sentimenteel worden van al wat me de laatste jaren is overkomen? En als ik dan om me heen kijk zie ik dat de rest van de wereld zich verschrikkelijk vastklampt aan alle wat los of vast zit. Dus ik zet ’s ochtends een muziekske op en dan overvalt me dat gewoon. Een sentiment-bom en bij alles wat ik doe sleur ik dat mee. En eerlijk gezegd, vandaag liet ik een stukje zien van wat ik er dan mee maak en de reacties waren goed. Want sentiment wordt concreet als je het gewoon laat zijn. Sentiment is de cement van mijn bestaan. Zou je dat in de Gamma kunnen kopen?

hoe woorden altijd tekort schieten…en hoe mensen nooit met elkaar praten, zelfs al zijn ze verliefd. En als ze praten ze uit niets iets proberen te halen. Hoe ze zichzelf opwinden en elkaar oneindig veel pijn doen. Onwetend maar ook heel bewust. Ach mensen, ze zijn ijdel maar zelfs de meest onnatuurlijke houding is een vorm waar ze zich graag in schikken. En soms, heel soms, kussen ze. Monden en tongen die onrustig opzoek zijn naar wat hen nooit is gezegd. Hun talenten etaleren ze maar de meesten blijven in het donker van de menigte. Uit eerbied voor de natuur zouden ze moeten zwijgen maar net die natuur roepen ze zo verschrikkelijk aan en misbruiken ze.
‘Ik zou het niet net erg vinden moest ik er niet meer zijn.’, denk ik soms maar dan ga ik het ook allemaal missen. Allemaal van de kleinste tot de grootste. Ook de onzin. Ook dat. De onzin als inspiratie om te blijven leven.