Om zeven uur ’s ochtends neem ik de trein naar Amsterdam en kijk naar de huizen die in de stad verdwijnen, een beeld dat over gaat naar wervelende velden waar boeren de hele nacht in de lichten van hun dorser hebben gewerkt om dan terug over te gaan naar huizen die in steden verdwijnen omdat huizen altijd verdwijnen. Tegen acht uur krijg ik telefoon van mijn zoon, hij is wakker en wil me een fijne dag wensen in Amsterdam! ‘En papa…mag ik volgende keer mee naar Amsterdam?”. Natuurlijk mag hij volgende keer mee en hij vergeeft me dat ik hem deze keer niet mee op avontuur heb genomen. “Niet vergeten dat ik van je hou, papa!”. Dat zal ik zeker nooit doen en het gesprek wordt onderbroken door een tunnel. De drukte op de trein doet me verlangen naar een verlaten boerderij met een appelboom en daaronder een bankje. Gruwelijke tegenstelling die me altijd weer uitdaagt in dit leven. Deze dagen krijg ik veel aanbiedingen en telkens kom ik weer op dat verlangen naar dat andere alsof ik nooit tevreden ben of mezelf niet goed genoeg vind. Eens in Amsterdam word ik meegetrokken door de vlucht der volkeren en zie ik een vrouwtje die heel zuinig het woord petuniaatje uitspreekt. “ Petuniaatje”, zonder haar lippen van elkaar te doen.

Een duidelijk geroutineerde kaartjesverkoper geeft me  een kaartje en als ik vraag of ze me kan zeggen wanneer we op mijn bestemming zijn zegt ze; “there’s a voice who will tell you.” Ik ga zitten en wacht af welke vreemde kracht me zal influisteren dat ik op mijn bestemming ben. De zin van de kaartjesverkoper blijft als een soort mantra door mijn hoofd dreunen tot ik inderdaad een man met wasknijper mijn bestemming hoor afroepen. Ik stap uit, ga het gebouw binnen waar ik een congres voor werken met bijzondere jongeren open en terwijl ik voor mijn publiek sta en vertel over het zoeken naar wat er achter de mens schuilt zie ik fonkelingen,  voel enthousiasme en weet weer waarom ik stad en land afreis om mijn verhaal te vertellen. Want, nondedju, ik weet dat ik niet mag vloeken, maar nondedju, elke mens heeft een droom, een talent, een vraag…dat moet we allemaal weten dat mogen we nooit vergeten.

Heb je  zin om je nazomersfeestje of je winterse borrel op te fleuren met net dat waar je van dacht dat het niet bestond, niet kon, niet waar kan zijn? Contacteer dan het HUIS VAN NUT uit Lier en ze maken – binnen je budget – van jouw feest een onvergetelijk feest.

Ze staan stil voor me. Hun adem blaast door hun monden, langs hun ogen naar een plek waar geen gedachten van vroeger zijn. Meer in het hier en nu kan je niet leven. Ze staan stil voor me en vertellen hoe hun weekend was. “Ik stond deze ochtend op en ging naar mama.”, vertelt K. met de waterige ogen, “En ik zei; mama hebt ge goed geslapen? Maar ze zei niks terug. Ik zei mama hebt ge goed geslapen? Toen deed ze haar ogen open en zei; ja, kind ik heb goed geslapen. Dat is alles wat ik wil, hé.”. Ze kijkt me aan en er sterven nog wat zinnetjes weg tussen haar lippen. Ze zijn gehecht aan een man die hun al twee jaar mee neemt in wat voor hen theater is maar hij komt niet terug.  Ze omarmen mij en Marit bij hun vertrek. “Ik vind u lief.”, fluistert K. in mijn oor. “Ik u ook.”. “Morgen weer goed wakker worden, hé.”, knipoogt ze en herhaalt de zin van haar begeleider, “Ja, we zijn weg.”. Hoeveel gedachten heb je aan je hoofd als je wil dat diegene die je graag ziet morgen weer wakker worden? En wat doe je met die gedachten als je ze straks vergeten bent. Dan word je wakker in het hier en nu.

 “gezjost”, 22 september 2011 in het Dommelhof te Neerpelt.

“Perceval heeft een pen die met taalspel overweg kan.Weet hoe je kinderen betovert met grote thema’s….Charmante dialogen en sterk spel!” Wouter Hillaert in De Standaard.

“Gezjost” is een poëtische en beeldende voorstelling die deze zomer voor heel wat controverse zorgde op de Zomer van Antwerpen.  Stefan Perceval schreef en regisseerde “Gezjost” in opdracht van het vredescentrum in Antwerpen .

 “Gezjost” vertelt het verhaal van leeuwentemmer, dierenvriend, in – zichzelf- prater en levensmoe Jozef Kets en zijn compagnon Maarten. Maarten was tot twee jaar geleden leraar maar mag na een ongeval geen les meer geven, mag zelfs geen voorlees – ouder zijn en zal waarschijnlijk als 32 jarige levenslustige jonge man op pensioen gesteld worden. Als “geïmporteerde” Antwerpenaar weet Jozef Kets alles over zich aanpassen en uitvergroten in de tweede grootste havenstad van Europa.

Jozef is dan ook  bereid het meisje dat bij hem aanspoelt te helpen  in haar worsteling met haar nieuwe identiteit maar er zijn grenzen aan solidariteit.

stond vandaag in de Fnac en voor me stond een vrouw met deze film in haar hand, ze draaide zich om, knikte, haar vriend kwam naast haar staan, nam haar vast  en zei: “t schijnt muziek te zijn van Daan voor dattem bekend werd”.

Samen met oom Bert rijd ik de dag van mijn huwelijk naar de bakker. We waren allebei te vroeg wakker. Hij vertelt me over de sluipende ziekte in zijn lichaam en wijst me op een put in de weg. Ik voel me op dat ogenblik jong en onervaren en heb geen woorden. Zelden weet ik wat te zeggen bij ziekte of dood. Vorige week stierf mijn tante Jeanne en ben ik de voorlaatste nacht van haar leven bij haar geweest en heb haar voorhoofd gekust maar had geen woorden. Toen mijn goeie vriend Dimitri stierf aan kanker hadden we geen woorden meer voor elkaar hoewel we daarvoor héél veel woorden samen hadden. Toen mijn zoon Jef veel te vroeg geboren werd had ik geen woorden en kon nauwelijks een klank uitstoten toen de verpleging me vroeg of ze hem nog snel snel moesten dopen mocht hij het niet halen. Geen woorden. Is deze stilte gelijk aan verstomming of een naar binnen keren van de gedachten? Soms is het goed om geen woorden te hebben.

Dit jaar zit ik in de jury van FRAPPANT TXT, een schrijfwedstrijd voor iedereen met schrijftalent en podiumpersoonlijkheid! Ben je jonger dan 30 jaar & woon, werk of studeer je in de provincie Antwerpen? Schrijf je dan in voor Frappant TXT. Laat je voor tenminste één tekst inspireren door het thema “Ego”……

Vanavond speelt “Maria vaart” de aller – laatste keer. Het lijkt wel of deze productie blijvend op het repertoire zou kunnen blijven staan. De vraag en het enthousiasme van het publiek is waanzinnig. Tijl Bossuyt schreef eerder deze week: “De taal was sterk, de vertelkracht nog sterker, het ritme was juist, het kader op maat geknipt, de compositie evenwichtig als dat moest en net uit dat evenwicht als de inhoud daarom vroeg, het spel bijzonder sterk. Soms is theater op zijn best, zelfs zo sterk dat tijd en ruimte vergaat. Een flow waarin je wordt meegetrokken, opgezogen! Zo was het gisterenavond bij het bekijken van “Maria vaart” een locatie productie van “Het Gevolg”  geschreven en in regie van Stefan Perceval .  Van bij het begin krijg je een patat op uw gezicht, schoonheid bestaat even niet, de harde gespeelde werkelijkheid recht in uw maag en het blijft maar komen. Flarden van de tekst zijn bekend omdat ze refereren naar het eigen verleden, je prevelt bijna mee met “de tuinman en de dood” een gedicht wat blijkbaar in ons collectief geheugen zit. En dan de strijd de eeuwige strijd van loskomen en toch weer niet, van liefde en de leugen die ze soms is, van…….. ga kijken nu het nog kan want binnenkort vaart dit schip naar een onbekende overkant. Ik was anderhalf uur verloren gelopen in deze werkelijkheid en merk dat ik na een dag nog niet geheel terug ben. Daarom bestaat theater (kunst), om mij te brengen naar daar, waar ik anders nooit kom,  waar ik dan een tijd blijf om het voor altijd in mijn hart te dragen en weer te komen in mijn wereld die voorgoed veranderd is, niets zal meer hetzelfde zijn, nooit meer.
Daarom en daarom is dit de schoonheid voorbij!”

We nemen afscheid. Tot een volgende reis!