aller-aller-aller-aller-allerlaatste “de leraar”
Woensdag 16 maart en donderdag 17 maart 2011 speel ik de aller- aller- allerlaatste voorstellingen van “de leraar” in Gent. Meer info vind u op www.driepees.be
Woensdag 16 maart en donderdag 17 maart 2011 speel ik de aller- aller- allerlaatste voorstellingen van “de leraar” in Gent. Meer info vind u op www.driepees.be
Enkele fijne reacties:
Zeeuws knoopje schrijft ( www.zeeuwsknoopje.blogspot.com )
“…Vrijdag 11 maart. Gisteravond in het Arsenaaltheater in Vlissingen de première van De Rietdekker meegemaakt. Onvergetelijk, wat een prachtige voorstelling! In de zaal kon je een speld horen vallen, het publiek hield de adem in, een brok in de keel. Wat een liefdevolle, respectvolle, warme voorstelling. Alle eer voor de regisseur en vooral voor Bram Kwekkeboom, zo ingehouden, zo puur en aards gespeeld, zo Zeeuws ook nog! Huiver & lovertjes, again!
‘Gosternokke, ’t was toch vreêd mooi, och erme, zwieg stille, zwieg stille!’ Ja, ik ben er nog stil van. Lezers, ga zelf kijken waarom dat zo is! Bram Kwekkeboom vertelt het verhaal vanuit stilte…”
Marjon Sarneel schrijft ( www.marjonsarneel.nl )
“…Bram Kwekkeboom geeft die woorden precies de juiste lading mee, je hóórt achter die woorden. Die lading is voorbeeldig gedoseerd waardoor De Rietdekker een heel integere en aangrijpende voorstelling is….”
Op zaterdag 19 maart van dit jaar speelt “de rietdekker” vlakbij de Belgische grens in het Nederlandse Axel, meer info vind je op www.theaterzeelandia.nl .
De dag na de première….
Meer info vind je op theaterzeelandia.nl
*De aarde trilt.
*Mijn zoon is naar zijn mama.
*”De rietdekker” is warm ontvangen.
*Ik zie mijn lief nog altijd heel graag.
*Morgen ga ik naar “U bent mijn moeder”
*Op televisie zegt iemand dat dit haar op de goeie weg zal brengen terwijl ze met haar armen in de lucht zwaait. In het volgende shot zie je haar haar gezicht retoucheren terwijl ze over haar karakter spreekt.
* Ik kijk naar voor, besef dat ik me weer vergist heb en dat er nog geen rustige periode aan komt.
*De beelden uit Japan zijn verschrikkelijk.
*Ken ik iemand in Japan? Nee, niet direct.
*Wil zelf al een tijdje naar Japan nadat ik vorig jaar in China een voorstelling heb gemaakt. Japan is naar het schijnt helemaal anders.
*Blijf vastberaden dat ik ga trouwen.
*Lees een mail van Electrabel waarin ze schrijven dat ze mijn tarieven gaan aanpassen maar ze schrijven er niet bij in welke richting.
*Kijk naar de stapel rekeningen…
*Besef dat ik vandaag nog niet ben gaan kakken.
*De bazin van cremerie “Pinguïn” zegt dat ze genomineerd is voor “de gouden glimlach”. Ik kijk haar aan en voel dat ik moet gaan kakken.
*de pannekoeken zijn lekker.
*mijn buren blijven verbouwen.
*mijn lief kijkt naar een idioot programma over modellen zonder zogezegde ervaring en ik heb zin om me helemaal lam te zuipen.
Daarbuiten, is de grote wereld en soms weerspiegelt theater – soms maar enkele seconden- een stukje van die buitenwereld of doet er alles aan om die wereld te vergeten. A.s. donderdag gaat “de rietdekker” in première in Vlissingen, Nederland. Een universeel verhaal over vaders en hun zonen. Hopelijk zie ik je ergens onderweg om te vergeten of te weerspiegelen.
Michel Mertens en zijn vrouw Linda zijn al jaren trouwe fans. Elke voorstelling staan ze enthousiast op de eerste rij. Hun zoon Marco heeft dringend een niertransplantatie nodig. Hun wedervaren; de zoektocht en de hindernissen die ze moeten ondergaan kan je volgen op Michel’s blog. Ondanks de tegenslagen blijven ze bijzonder positief. Ik bewonder hun kracht en inzet.
Ons land, ooit ontstaan uit een revolutie na het horen van een opera keert stilaan terug naar waar het vandaan komt. De opera die nu speelt is er eentje die laat zien dat de afzonderlijke bestanddelen duidelijk van elkaar gescheiden zijn. Maar nergens is er een muzikale boog, aria’s zijn vals, de koorzangen ontbreken en er is al helemaal geen dramatisch verloop. We zouden hier naar de regisseur kunnen wijzen maar die is enkel goed in het openen en sluiten van zijn poorten.Een individuele en statische regie dwingt ons landje tot een eenzaam dolende massa liggende lichamen die luisteren naar de ondergang die hen voorspelt wordt. Ik hoorde gisteren nog ergens anders in deze wereld de ondergang voorspellen maar die acteur had wel een goeie vermomming, helaas is hij ook hij geen begenadigd acteur! Ja, ’t is een vak, hé….Hier bij ons spelen de spelers, nauwelijks stemgevend, zonder enige zeggingskracht. Het orkest is zwak en vraagt meer repetitie maar de toeschouwers laten zich gelukkig met gemak overrompelen. Het nuchter verstand is wegsmolten als sneeuw voor de zon want de energiefacturen voor dit spetakel blijven hoog. Evenals de courante rekeningen die we voor – tijdens en na deze expressieloze pretentie moeten betalen. Positief aan dit alles is dat er stilaan een abstractie is gekomen in het denken van onze bevolking en dat is dan weer gefundenes fressen voor psychoanalytici met een slecht geweten die ons duidelijk maken dat wit de kleur van de hoop is en de maagdelijkheid! Dat laatste niet vergeten! Want ondertussen staan er in de coulissen veel stoute oude heren in het zwart gehuld en met hun kruis op hun revers die zich laten pijpen in de hoop dat hun stem goed zit om de volgende boutade in toneelopenig te gooien. Binnen dit en enkele jaren is er dan weer een nieuwe protagonist die iedereen oproept met een witte ballon en de vergeelde foto van een moederke in badjas gehuld in de straten van Brussel te protesteren tegen deze overgedimensioneerde rollen terwijl ze allerlei associaties roepen: “STOUT!”, “BOE!”, “AWOERT!”. Hopelijk spreken ze me aan om de dynamiek te regisseren. Ik zou ze – in de breedte van de straten- op een lijn van 20 mensen zetten in dezelfde kledij, zo maak ik me ook sympathiek bij de Brusselse politie want dan kunnen ze makkelijker het aantal tellen. 20 mensen per lijn en honderd lijnen is 2000 mensen, ze kunnen zelfs per honderd lijnen tellen en ondertussen een pintje drinken want dat gaat traag zo’n stoet mensen. En zo is iedereen content. Vandaag hoorde ik iemand vragen of ons land een sterk merk is? De geïnterviewde begon zijn marketing job te verdedigen en zei dat we toch sterke troeven hebben. Dat er niet zoiets bestaat als slechte reclame. Ik had zin om te roepen: “Ja, dat zal allemaal wel! Maar d’r bestaat wel zoiets als ne slechte opera!”
“Wat voor een acteur bent u? Hoe zou u zichzelf omschrijven?”. Eerst dacht ik dat het een grap was maar dat was niet zo. Aan de telefoon hing een jongen van een of andere universiteit die dit echt wilde weten. Hierop antwoorden kon ik niet. “Ik ben wie ik ben.”, stamelde ik verder. “Wel, dat is interessant!”, joelde de jonge stem uit,”Dat heeft nog niemand over zichzelf gezegd.”. Ik sloot mijn ogen en probeerde een niesaanval te onderdrukken terwijl ik naar de rest van zijn vragen luisterde. “Bent u gevaarlijk? Contactschuw? Of eerder een publiekvertroetelaar?”. Ook hierop wist ik geen antwoord. Ik zei hem dat ik die manier van catalogeren aan andere mensen over laat, critici bijvoorbeeld of sympathisanten. Zij kunnen misschien een beeld schetsen maar meer dan een schets zal het niet zijn omdat het elke voorstelling – wat je ook doet – helemaal anders is. Dat is waar we ons in de “artistieke” sector voor moeten hoeden, van het te veel in hokjes denken. Het werd even stil aan de andere kant van de telefoon. “Maar…luister…Piet Piraat zal toch altijd Piet Piraat blijven?”, ging hij verder. “Het is jammer dat je dat denkt.”, zei ik, “Want Piet Piraat is een goed acteur die met veel plezier en om den brode de rol van Piet Piraat speelt. Wil dat dan zeggen dat hij altijd Piet Piraat moet spelen? Ik denk het niet. Ik zou dat jammer vinden. Gelukkig speelt hij ook andere rollen.” Ik raadde de jongen aan om eens verder te kijken dan zijn televisietoestel. “ Dat doe ik hoor. Met de studiegroep zijn we net naar Betty & Morris gaan kijken. Mijnheer Perceval, wat zijn dan uw kwaliteitsnormen?”, duwde hij verder. Ik herhaalde hem nogmaals dat ik mijn eigen pad bewandel en daar in stappen zet en dat ik het publiceren van kwaliteitsnormen over laat aan commissies, critici, kunstencentra en misschien wel een publiek. “Je hebt, bijvoorbeeld, productiehuizen die nu eenmaal een grote achterban hebben bij jongeren. Dat vraagt een andere manier van denken en werken maar dat gaat niet over kwaliteit. Nog over zelfbewijsbaarheid. We moeten zijn dat maakt ons vak uniek.”. Ik vond van mezelf dat ik dat goed had gezegd. “Oh…ok!…Euhmm…”, hij onderzocht zijn vragenlijstje en ging dan weer verder, ik niesde omdat ik het echt niet meer kon houden.”Gezondheid, mijnheer Perceval!…Zou u zichzelf in of uit het circuit plaatsen?”. “Wat verstaat u onder het circuit?”, vroeg ik hem. “Wel, vroeger maakte u meer producties in het centrum, zeg maar; de grote huizen. Terwijl u nu meer bij kleinere productiehuizen aan de slag bent? Vind u dat erg, mijnheer Perceval?”. “Luister, ik ben niet bezig met het labelen van mijn producties noch het rangschikken van klein naar groot. Ik maak telkens opnieuw in wat voor functie of wat mijn rol ook moge zijn een productie vanuit de diepste toppen van mijn tenen. Bij jou klinkt het als een onderdeel van broederlijk delen; Arme Stefan Perceval vroeger in het centrum nu in de marge. Geloof me, of het nu een groot of klein huis is het engagement tegenover de structuur en zijn dragers is telkens enorm. Niet te peilen. Soms kan je je de vraag stellen of het niet beter zou zijn een productie ook nog daar of daar te tonen maar daar zijn mensen voor en uiteindelijk – als je een beetje geduld hebt – geraak je daar ook. Ik ben niet dwangmatig bezig een kwaliteitsoordeel te vellen over mensen, huizen, structuren maar ik ben bezig – hoe egoïstisch het ook moge klinken – met mezelf. Nu ik 37 ben merk ik dat het zelfs contraproductief werkt als ik mezelf wil bewijzen met goedbevonden producties die voldoen aan de verwachtingspatronen van god of klein Pierreke. Begrijpt u?”. “Nee, maar dat moet ook niet…Vind u het goed als ik een aantal van uw collega’s vraag wat ze over u en uw werk denken?”. “Ja, doet u maar.”.”Bedankt, mijnheer Perceval.”. Ik leg de telefoon neer en vraag me af waarom deze jongen bezig is met wat hij bezig is? De telefoon gaat weer over en daar is hij weer. “Ik was nog vergeten te vragen hoeveel u verdient?”. “Dat is decretaal vastgelegd. Zie wanneer ik ben afgestudeerd en tel uit uw winst.”.”Hebt u ook nog veel extra’s? Spotjes enzo? Ik heb begrepen dat u dat daar niet vies van bent?”.”Waarom zou ik daar vies van moeten zijn? Luister, ik heb de indruk dat u mij belt met een voorgevormd beeld en ik heb geen zin om dat te bevestigen. salut.”. Ik leg de telefoon weer neer en besluit dat de hopelozen nog steeds de meerheid vormen op deze aarde. Morgen weer werken, opzoek naar het bedreigende in “de rietdekker”, het fascineert zolang het zich op een veilige afstand bevindt. Op een podium, bijvoorbeeld.
Boardwalk empire, voor diegene die het niet kennen; begeef u snel naar deze planeet en ontdek deze fantastische reeks!